De Grote Brink is die dag de paddock: vanaf 10.00 uur staan de motoren daar, en bezoekers kunnen ze gratis bekijken. Nadat alle motoren zijn gekeurd, gaan de rijders om 13.00 uur van start voor de ronde van 28,4 kilometer over de openbare weg. Die is dan afgesloten voor ander verkeer, voor de veiligheid en omdat de klassieke racemotoren geen kenteken hebben.
Aan de start staan onder meer de TT-winnende BMW R51RS van wegracer Piet Knijnenburg, de originele DKW RT125-racemotor van Jan Muijlwijk, een erfstuk van zijn familie, en de Suzuki RG500 MK1 van Marcel Ankoné, een WK-motor uit de jaren zeventig. Ook Dirk Gerben de Vries, een kleinzoon van TT-pionier Dirk de Vries, rijdt mee.
De OVVR stelde het startveld samen met vijf historische motorclubs, die leden voordroegen. Uit die leden maakte de organisatie een keuze, zodat elk decennium van de TT vertegenwoordigd is. Daarnaast kon een beperkt aantal eigenaren van een historische motor zich aanmelden zonder lid te zijn van een club. Bij de aankondiging rekende de OVVR op ongeveer 300 motoren.