Marion woonde als jong kind een tijd bij de kunstschilder Arie van de Boon en zijn vrouw Henriette, en omdat ze blond was, trok ze bij de bezetter geen aandacht. Haar vader is in de oorlog om het leven gebracht; haar moeder overleefde, maar was voor Marion een vreemde toen ze haar na de oorlog kwam ophalen. Volgens de Rolderpost herinnert Marion zich nog veel van haar tijd in Rolde.
Stokker zit in het bestuur van de Stichting Struikelstenen Aa en Hunze en van het Rolder Historisch Gezelschap. De stichting werkt aan een boek over mensen die in Rolde ondergedoken zaten, waarin ook het verhaal van Marion een plek krijgt.
Namens de gemeente sprak wethouder Richard Heling, die ook de namen voorlas van de slachtoffers die op het monument staan. Hij vroeg aandacht voor de onrust in de wereld, maar ook voor wat er dichter bij huis gebeurt, en riep op om waakzaam te blijven over vrijheid en democratie. Twee leerlingen uit groep 8 van de Jan Thiesschool, die het monument in 2006 adopteerde, droegen eigen gedichten voor over de slachtoffers van de bezetting, onder wie Joodse burgers.