Ruim €4 miljoen daarvan gaat naar de vrije algemene reserve, de financiële buffer van de gemeente.
Het overschot komt onder meer door hogere inkomsten uit leges voor omgevingsvergunningen, gereserveerde budgetten die zijn vrijgevallen en lagere kosten voor de opvang van Oekraïense vluchtelingen en asielzoekers. Er waren ook tegenvallers: de kosten van afvalverwerking stegen, en door een lagere rente waren hogere pensioenvoorzieningen nodig voor (oud-)bestuurders.
Wethouder Kiena ten Brink (financiën) zegt: “Een gezonde financiële uitgangspositie is noodzakelijk, want ook voor onze gemeente liggen er uitdagingen in het verschiet.” Daarmee doelt ze op 2026, het zogenoemde ravijnjaar, waarin de bijdrage van het Rijk aan gemeenten fors daalt. Aa en Hunze verwacht dat jaar een tekort van €1,4 miljoen.